All posts by Toon-ID

RIVM-rapport tegengesproken door drie economen van de Erasmus Universiteit

Uit een nieuwsbericht op de website van De Telegraaf:

Alcohol levert de samenleving meer op dan het kost. Dat hebben drie economen van de Erasmus Universiteit berekend. Zij halen daarmee een recent rapport van onderzoeksinstituut RIVM volledig onderuit.

In september concludeerde het RIVM dat alcoholgebruik onze maatschappij jaarlijks zo’n 2,6 miljard euro kost. Het instituut suggereerde vervolgens om de accijnzen op alcohol met 50 procent te verhogen, omdat dat de samenleving alleen maar ten goede zou komen.

Die berekeningen ‘zijn echter op drijfzand gebouwd’, zo schrijven promovendi Albert Jan Hummel, Matthijs Oosterveen en hoogleraar economie Bas Jacobs vandaag in economenblad ESB. “Het is niet ondenkbaar dat het RIVM-rapport de baten van alcoholconsumptie met vele miljarden onderschat.”

Op verzoek van de Tweede Kamer maakte het RIVM een zogenaamde maatschappelijke kosten-batenanalyse. Daarin wordt niet alleen gekeken naar concrete opbrengsten zoals accijnzen en concrete kosten zoals in de gezondheidszorg, maar wordt een schatting gemaakt van de maatschappelijke kosten en baten. Daarin wordt ook ‘het geluksgevoel’ van consumenten meegenomen, zo beschreef het RIVM.

De economen stellen nu dat die aanpak op zich wel kan, maar dat het RIVM niet de algemeen geldende leidraad voor dergelijke analyses volgt. In het artikel schrijven ze dat maatschappelijke kosten van vroegtijdig overlijden, verlies van arbeidsproductiviteit en verlies van kwaliteit van leven dubbel worden geteld. In dat ‘geluksgevoel’ verdisconteren consumenten voor een groot deel zelf al de nadelen van alcoholgebruik, schrijven de economen en daar heeft het RIVM geen rekening mee gehouden.

Daarnaast heeft het RIVM verkeerd berekend hoe consumenten reageren op prijsverhogingen. De berekeningen zijn gebaseerd ‘op een misvatting’. Volgens de drie economen zullen consumenten veel minder vaak hun glaasje laten staan als de alcoholaccijns omhoog gaat dan het RIVM veronderstelt.

Hummel, Oosterveen en Jacobs presenteren hun eigen berekeningen met veel grotere slagen om de arm dan het RIVM. Maar als zij de veronderstelde rekenfouten eruit halen kóst alcoholgebruik de maatschappij geen 2,6 miljard euro maar levert het juist 1,7 miljard euro op.

De conclusie van het RIVM is “dat een algehele drooglegging of elk beleid dat alcoholconsumptie ontmoedigt leidt tot een stijging van de maatschappelijke welvaart”, aldus de drie economen. Zij vervolgen: “Deze conclusies kunnen op basis van het RIVM-rapport echter niet worden getrokken. De onderzoekers zouden hun werk beter kunnen overdoen.”

CBL: Naleving leeftijdgrens door supermarkten sterk verbeterd

De supermarktsector heeft een nalevingspercentage van 67% bereikt, blijkt uit onderzoek van het CBL naar de naleving van de leeftijdgrens voor de verkoop van alcohol en tabak. Dit voorjaar lag de naleving nog op 62%.

De positieve stijging laat zien dat de intensieve en veelzijdige manier waarop supermarktorganisaties het toezicht op de leeftijd verankeren in hun bedrijf succesvol is. Het zet de branche aan ambitieus te blijven en de ingeslagen weg te vervolgen, waarbij training van medewerkers, voorlichting van de consument, de NIX18-campagne en onderlinge controles centraal staan. Uiteraard is de branche pas helemaal tevreden wanneer de naleving 100% is.

Dat meldt het CBL in een persbericht op hun website.

NRC: ‘Betutteling leidt niet tot verantwoord alcoholgebruik’

In het redactioneel commentaar van afgelopen zaterdag besteedt NRC Handelsblad aandacht aan het onlangs verschenen rapport van het RIVM, waarin een kosten- en batenanalyse van alcoholgebruik gemaakt werd.

Uit het commentaar: ‘Het RIVM adviseert om alcoholmisbruik te bestrijden door bijvoorbeeld het verhogen van de accijnzen op drank. Maar afgezien van de vraag of dat helpt (zie Scandinavië waar binge drinking erger is dan in Nederland) is een extra belasting niet de oplossing. Daar schuilt een vorm van staatspedagogiek achter die de zelfstandigheid van weldenkende burgers miskent. Beter is dat alle partijen „heerlijk helder” communiceren zonder feiten te verbuigen, zodat er geen misverstanden over alcohol blijven bestaan. Mensen kunnen vervolgens zelf kiezen of zij dat glas wijn laten staan of het toch maar nemen, zonder betutteling van vadertje staat.’

Het volledige artikel is terug te lezen via Blendle.

RIVM-rapport ‘Maatschappelijke kosten-batenanalyse van beleidsmaatregelen om alcoholgebruik te verminderen’

Gisteren bracht het RIVM het rapport ‘Maatschappelijke kosten-batenanalyse van beleidsmaatregelen om alcoholgebruik te verminderen’ uit. Uit de publiekssamenvatting:

‘Als alle kosten en baten van alcohol in geld worden uitgedrukt, waren de kosten in 2013 ongeveer 2,3 tot 2,9 miljard euro. Kosten kunnen bijvoorbeeld ontstaan door een lagere arbeidsproductiviteit, door inzet van politie en justitie, en door verkeersongevallen. Deze kosten zijn verminderd met de baten van alcoholgebruik, bijvoorbeeld in de vorm van accijnzen voor de overheid. Maar ook het geluksgevoel dat consumenten kunnen ontlenen aan alcohol is in dit onderzoek in geld uitgedrukt.

Maatregelen zijn mogelijk om mensen minder alcohol te laten drinken, zoals een accijnsverhoging, een beperking van het aantal verkooppunten en een totaalverbod op alcoholreclame en -sponsoring. Zulke maatregelen kunnen de samenleving forse besparingen opleveren en hebben daarmee netto een positief effect op de Nederlandse samenleving. Voorbeelden van die positieve effecten zijn minder sterfte en betere kwaliteit van leven doordat ziekten die met alcoholgebruik samenhangen worden voorkomen, een hogere arbeidsproductiviteit, minder verkeersongevallen en minder inzet van politie en justitie.

Op de lange termijn, over een periode van 50 jaar, levert een accijnsverhoging van 50 procent tussen de 14 en 20 miljard euro op, een accijnsverhoging van 200 procent 37 tot 47 miljard euro. Het saldo van kosten en baten na 50 jaar is 3 tot 5 miljard euro wanneer 10 procent van de verkooppunten worden gesloten. Dit bedrag loopt op tot 8 tot 12 miljard euro bij een sluiting van 25 procent van de verkooppunten. Een mediaban levert de samenleving circa 7 miljard euro op na 50 jaar, maar hierover bestaat meer onzekerheid.’

Bron: website RIVM. Het volledige rapport is via dezelfde website te downloaden. 

STIVA: Blijven strijden om alcoholmisbruik tegen te gaan

STIVA heeft met belangstelling kennisgenomen van het RIVM rapport: ‘Maatschappelijke kosten-baten analyse van beleidsmaatregelen om alcoholgebruik te verminderen.’ Het is belangrijk dat deze analyse gemaakt is. Uit de analyse valt op te maken dat de grootste kosten voortkomen uit overmatige consumptie. Het is dan ook van groot belang dat overmatige en excessieve consumptie verder wordt teruggedrongen.

Opvallend is dat de doorberekening van maatregelen zoals het beperken van het aantal verkooppunten, sterke verhoging van accijnzen en beperking alcoholreclame nauwelijks effect hebben op de overmatige drinkers en vooral de consumptie bij de toch al matige drinker naar beneden brengen. De effecten van de voorgestelde maatregelen zijn dus teveel vanuit generieke econometrische modellen bekeken, maar hebben niet of nauwelijks effect op excessieve drinkers. Tegelijk raken de maatregelen wel vooral mensen die toch al verantwoord drinken.

Bovendien houden de modellen onder meer geen rekening met grenseffecten, terwijl recente accijnsverhogingen in Nederland hebben geleid tot een stroom van consumenten die in België en Duitsland alcoholhoudende drank aanschaffen, samen met andere aankopen.

STIVA directeur Peter de Wolf: “De branche en de overheid strijden op dit gebied zij aan zij; onze gezamenlijke ambitie is het overmatig en excessief drinken nog verder terug te dringen. Door dat te doen zien we de afgelopen jaren dat het overmatig drinken is afgenomen. Jongeren beginnen op steeds latere leeftijd met drinken en drinken steeds minder. Deze trend moeten we voortzetten.”

De maatregelen die in het rapport worden besproken, zijn in sommige landen al ingevoerd. Zo is in Zweden, Noorwegen en Finland alcoholreclame verboden en bestaan daar zeer hoge accijnzen. De Wolf: “In deze landen is excessief drinken een veel groter probleem dan in Nederland. In Finland doet 37% van de bevolking aan binge drinken. In Nederland is dit met 6% beduidend minder. Dit soort maatregelen helpt dus niet om excessief drinken tegen te gaan.”

De Nederlandse alcoholbranche blijft graag samenwerken met alle betrokkenen. De Wolf: “Het tegengaan van alcoholmisbruik is niet iets dat alleen door de overheid of het bedrijfsleven kan worden bewerkstelligd. Dit moeten we samen doen en STIVA is van harte bereid om de komende jaren nadrukkelijk aan kop te blijven rijden om een bijdrage te leveren aan het tegengaan van excessief drinken. Diverse eerdere en lopende campagnes tonen aan dat je door samenwerking echt effect bereikt. Denk bijvoorbeeld aan onze BOB-campagne waardoor alcohol achter het stuur steeds minder voorkomt.”

STIVA gaat het rapport nader bestuderen en komt op een later tijdstip met een uitgebreidere reactie.

 

Bron: website STIVA.

Column: Studiereis

Eind september organiseerde VNO-NCW een studiereis naar Genève. Doel was om meer te weten te komen over de handel en wandel van de World Trade Organisation en kennis te maken met andere instanties aldaar gevestigd. WTO houdt zich bezig met het opstellen van regels over handel en doet aan handelsgeschillenbeslechting tussen lidstaten. Kort gezegd. De directe aanleiding voor ons bezoek was het Open Forum georganiseerd door de WTO, een soort van Libelle dagen voor allerlei diplomaten, actiegroepen, NGO’s en goede doelen. Bezoekers worden getrakteerd op lezingen, seminars en discussies en kunnen langs standjes struinen op zoek naar een nog beter goed doel.

De Nederlandse Permanente Vertegenwoordiging (de ambassade bij de WTO) was bovendien gretig bereid onze groep te ontvangen en overal te introduceren. En ik moet zeggen, ze doen hun werk uitstekend. Je voelt je zeer welkom en de medewerkers zijn uiterst open en benaderbaar. Voor de PV is zo’n bezoek, zeker als VNO-NCW zich erbij voegt, van groot belang. Als handel het onderwerp van gesprek is dan is contact met het veld natuurlijk belangrijk. Zoals in alle overheidshandelen de zicht op gevolgen in de praktijk en gevolgen voor mens, bedrijf en omgeving voorop dient te staan. Daar zit ook de legitimiteit in van overheidshandelen en regels.

Eén van de bezochte instanties was de WHO: de wereld gezondheidsorganisatie. Nu heeft de drankensector nogal eens met deze club van doen, sinds door de WHO in 2010 een Alcoholstrategie werd opgesteld en sindsdien alcohol niet uit hun aandachtsveld is verdwenen. En mijn laaggespannen verwachtingen kwamen volledig uit.

Recent heeft de WHO een richtlijn aangenomen waar dus ook alle EU staten mee hebben ingestemd. De richtlijn gaat over wie wel en niet mogen meepraten over gezondheidsbeleid. Voorop staat, zo werd uitgelegd, het volksgezondheidsbelang en alle invloeden die dat belang schaden moeten worden geweerd.

Wij  van de dranken mogen nog net meepraten. Dat houdt in dat we een reactie mogen geven op voorstellen. We mogen onze inbreng leveren en verder dienen we ons afzijdig te houden wanneer de beleidsmakers beleid gaan maken. Tabak- en wapenindustrie helemaal niet. Wetenschappelijke inbreng is ook alleen welkom voor zover dat niet door de industrie is bekostigd. Als het wel door industriegelden mogelijk is gemaakt wordt het terzijde geschoven. Op mijn vraag of het uitmaakt wie twee plus twee optelt om tot vier te komen, was het antwoord kort samengevat ‘ja’. Alles om beleid vrij te houden van commerciële motieven. Vreemd, maar het werd nog enger.

Ter onderstreping van het feit dat de WHO haar eigen regels serieus neemt werd de vertegenwoordiger van VNO-NCW dus uitgesloten van het overleg, want VNO-NCW kan dan wel ruwweg zo’n €300 miljard aan Nederlands bedrijfsleven en tienduizenden banen vertegenwoordigen, een belangrijke rol spelen in het maatschappelijk middenveld door het overleg met vakbonden, milieu-organisaties, zorginstellingen, onderwijs, innovatie-clubs, MVO instanties en nog zo wat spelers in het veld, ze hebben ook ooit iets gezegd ten faveure van tabak. Kennelijk kan al het goede dat een organisatie doet de zonde niet wegpoetsen. Raus damit, dus.

Nu was dit een studiereis en van studeren moet je wijzer worden. Uit eerdere studie weet ik dat wanneer besluiten worden genomen, de belanghebbenden gehoord moeten worden. In de Nederlandse wet worden verder geen beperkingen gesteld aan die belanghebbende. Ook dient een belangenafweging plaats te vinden indien de belanghebbende nadeel kan ondervinden van een besluit. In Nederland noemen we dat een algemeen beginsel van behoorlijk bestuur. Bij de WHO een “Undue Influence”. Kortom, een leerzaam reisje.

 

Joep Stassen, directeur SpiritsNL, oktober 2016

Strengere aanpak geweld onder invloed van drugs of alcohol

De Eerste Kamer heeft een wetsvoorstel van minister Van der Steur (Veiligheid en Justitie) aangenomen dat de aanpak van geweld onder invloed van drugs of alcohol verbetert en de mogelijkheid biedt geweldplegers strenger te straffen. De nieuwe regeling treedt op 1 januari 2017 gefaseerd in werking.

Verdachten van een geweldsmisdrijf moeten rekening houden met een hogere straf als uit een zogeheten middelenonderzoek blijkt dat zij zich onder invloed van alcohol of drugs hebben misdragen. In dat geval telt de uitkomst mee bij de strafeis van de officier van justitie en de door de rechter op te leggen straf.

Omdat niet standaard in het proces-verbaal melding wordt gemaakt van gebruik van alcohol of drugs, weet de rechter nu in de meeste gevallen niet of de verdachte het geweld onder invloed heeft gepleegd en kan hij er dus geen rekening mee houden bij de strafmaat. Het onderzoek verbetert de bestaande praktijk. Het wordt makkelijker de hoeveelheid drank en drugs vast te stellen die in het spel is (geweest). Een ander pluspunt is dat – als onderdeel van de straf – voorwaardelijke sancties kunnen worden opgelegd om recidive en verslaving aan te pakken. Bijvoorbeeld een alcoholverbod.

Het middelenonderzoek wordt niet alleen ingezet bij een verdenking van een geweldsmisdrijf zoals (zware) mishandeling, openlijke geweldpleging en zedenmisdrijven, maar ook bij vandalisme. Verder  moeten er aanwijzingen zijn dat het geweldsmisdrijf onder invloed van drank of drugs is gepleegd. Politieagenten kunnen het onderzoek dus niet standaard bij elk geweldsmisdrijf uitvoeren.

Bron: nieuwsbericht Rijksoverheid.

STIVA in Algemeen Dagblad: ‘Nederlands alcoholbeleid werkt’

In het Algemeen Dagblad van 20 september nodigde Tweede Kamerlid Joël Voordewind (ChristenUnie) de alcoholbranche uit om misbruik van alcohol tegen te gaan. Vandaag betoogt Peter de Wolf, directeur van STIVA, dat het Nederlandse alcoholbeleid werkt. Uit het opinieartikel:

‘Kortom, we kunnen in redelijkheid wel zeggen dat het Nederlandse alcoholbeleid deugt. Uiteraard kunnen en moeten we nog meer doen. Dus tegen de uitnodiging om de samenwerking aan te gaan met overheid, alcoholbranche en ouders om excessief drinken bij jongeren en volwassenen tegen te gaan, zeggen wij volmondig ‘ja’!

Laten we daarbij niet te snel kijken naar andere landen en hun beleid zomaar kopiëren. Het Nederlandse alcoholbeleid is op alle fronten succesvol en dat moeten we niet zomaar inleveren voor een beleid uit landen waar het zeker niet beter gaat dan bij ons.’

 

Het volledige artikel is terug te lezen via Blendle.